De indiening van de schuldvorderingen geschiedt bij de curator door de overlegging van een rekening of andere schriftelijke verklaring, aangevende de aard en het bedrag van de vordering, vergezeld van de bewijsstukken of een afschrift daarvan, en van opgave, of op voorrecht, pand, hypotheek of recht van terughouding aanspraak wordt gemaakt.
De schuldeisers zijn bevoegd van de curator een ontvangbewijs te vorderen.