Zo er verzet gedaan is, zendt de rechter-commissaris onmiddellijk na afloop van de termijn van inzage het bezwaarschrift en de overige stukken, vergezeld van zijn schriftelijk rapport, aan het Hof van Justitie.
De griffier van het Hof van Justitie doet aan de opposanten en aan de curator schriftelijk mededeling van de dag van behandeling.
Op de bepaalde dag leest de griffier ter openbare terechtzitting het schriftelijk rapport van de rechter-commissaris voor en is de curator en ieder der schuldeisers in persoon of bij gemachtigde bevoegd om de gronden uiteen te zetten ter verdediging of bestrijding van de uitdelingslijst.
Op dezelfde dag, of anders zo spoedig mogelijk, geeft het Hof van Justitie zijn met redenen omklede beschikking.